Het pensioenfonds maakt verschillende kosten om de pensioenregeling uit te voeren. Denk aan kosten voor de administratie en kosten om het vermogen te beheren. Daarnaast betaalt u kosten voor vrijwillige partnerverzekeringen als u daarvoor kiest.
Om de pensioenregeling uit te voeren, maakt het pensioenfonds kosten. Er zijn drie soorten kosten: uitvoeringskosten, kosten voor het vermogensbeheer en transactiekosten. Daarnaast betaalt u kosten voor vrijwillige partnerverzekeringen als u daarvoor kiest.
Uitvoeringskosten
Het pensioenfonds maakt kosten om de pensioenregeling te kunnen uitvoeren. Denk aan kosten voor:
- de uitbetaling van de pensioenen
- de betalingen van de inleg door uw werkgever
- de communicatie
- de organisatie van alle vergaderingen
- de onderzoeken van De Nederlandsche Bank
Deze kosten noemen wij uitvoeringskosten. In 2024 bedroegen deze kosten in totaal € 8,8 miljoen. Extra kosten die wij maakten voor het implementeren van de Wet toekomst pensioenen waren hierbij inbegrepen. Dit komt neer op € 681,- per deelnemer.
Vermogensbeheerkosten
Omdat uw persoonlijk pensioenvermogen wordt belegd, worden er ook vermogensbeheerkosten in rekening gebracht. In 2024 bedroegen deze kosten € 23,4 miljoen.
Transactiekosten
Transactiekosten zijn kosten voor het aan- en verkopen van beleggingen op de beurs. In 2024 bedroegen deze kosten € 3,3 miljoen.
Meer informatie over de verschillende soorten kosten vindt u in het jaarverslag.